Volgens het Taoïsme bestaat er geen onderscheid tussen lichaam en geest. Door gezond te eten, oefeningen te doen (zoals bijvoorbeeld yoga), genoeg te rusten en de organen te laten masseren, hopen Taoïsten op een lang en gezond leven.
Chi nei tsang is een Taoïstische vorm van masseren en betekent letterlijk “het bewerken van de energie van de interne organen”.

Verstoringen van emotionele, fysieke of mentale oorsprong weerspiegelen zich in de conditie van de organen en in de navel. Blokkades in de vitale functies van het lichaam worden veroorzaakt door bijvoorbeeld angst, boosheid, depressie, of zorgen maken. Andere oorzaken zijn overwerken, stress, ongelukken, drugs, gifstoffen, slecht eten en een slechte lichaamshouding. Met chi nei tsang worden de buikorganen gemasseerd, en maakt daarmee de buik op een zachte en diepe manier vrij van blokkades.
De darmen, maag, milt, pancreas, lever, galblaas, hart, longen, nieren, voortplantingsorganen, middenrif, plexus en psoasspier worden behandeld en het lymfestelsel en bloedcirculatie gebalanceerd.
De massage ontgift, brengt emotioneel evenwicht, versterkt en wakkert het helend vermogen van het lichaam aan.

Chi nei tsang is een van de weinige massagetechnieken waarbij ook de psoasspier wordt behandeld. Deze ligt in het bekken, en verbindt de rug met de benen. Hierdoor is het een van de belangrijkste spieren in het menselijk lichaam! De psoas wordt ook wel de ‘spier van de ziel’ genoemd en ‘bekleed’ als het ware een groot deel van het bekken. Als deze spier te veel aanspant, kan dit leiden tot o.a. pijn bij het (trap)lopen, maar kan ook leiden tot klachten in de nabij gelegen organen, zoals de blaas, de darmen, of de voortplantingsorganen.