Reflectie India reis

Als je een andere cultuur bezoekt, leer je dat niet alles per se zo moet zoals jij het gewend bent.
Een routebeschrijving in India kan bestaan uit ‘rechtsaf bij de handlezer’ of ‘linksaf bij het roze huis’.
Het verkeer lijkt totale chaos, maar is net zo gestructureerd als in Nederland, alleen net even anders. Of je nu eet met je handen, met stokjes of met bestek, het werkt allemaal (na even oefenen).
Soms wordt reizen geïdealiseerd als dé manier om jezelf te ontwikkelen. Dat hoeft echter niet zo toe zijn. Je kunt de hele wereld zien en niets geleerd hebben. Je kunt ook thuis blijven en veel leren van je naasten. De innerlijke weg is uiteindelijk de weg die leidt naar compassie, wijsheid en geluk.

Als Nederlandse afgevaardigde in India heb ik helaas geen blijk gegeven van fantastische communicatieve vaardigheden. Uit de comfort zone, continu slaapgebrek, yogabeoefening die stiekem op energetisch niveau van alles reinigde, pijnlijke accupunctuur behandelingen om de balans in het lichaam te verbeteren: mijn ego had het zwaar.
Het was heel gemakkelijk om de gedachtepatronen van anderen te herkennen en te veroordelen.
– Ik wil boven mode uitstijgen, dus draag ik nu zwart.
– Ik wil me niet door mainstream laten vangen, dus luister ik nu naar zingende schalen of dierengeluiden.
– Ik wil geen standaard yogi zijn dus draag ik geen Lululemon meer, maar H&M leggings.
Uiterlijke veranderingen vooral. Gemakkelijk om te veroordelen. Maar mensen doen hun best. En is dat niet wat telt? Ik kijk in de spiegel en vraag aan mezelf: wat heb jij vandaag aan de wereld bijgedragen?

Veroordelen was mijn thema in de afgelopen weken. Veroordelen van anderen en veroordelen van mezelf. De situatie is er ook naar. Zet een groep vreemden bij elkaar en bestudeer van een afstand hoe de strijd om de eigen plek in de hiërarchie begint.
In onzekerheid wordt de een luidruchtig en schept op, de ander trekt zich terug en zegt maar niets meer. Is het een beter dan het ander? Eigenlijk niet, beide zijn uitingen van hetzelfde fenomeen: onzekerheid. Wie ben ik? Pas ik bij de groep? Mag ik er zijn? Word ik leuk gevonden? Ben ik wel leuk?
Alsof we nooit los kunnen komen van deze vragen.

Iedereen mag er zijn, iedereen is welkom. Hoe gemakkelijk te zeggen, hoe moeilijk daadwerkelijk, diep van binnen, te ervaren. Ook als je moe bent. Ook als je uit je comfort zone bent. En waar je ook heen reist in de wereld, je eigen bagage aan ervaringen en eigenschappen neem je altijd mee.

Onzekerheid zoals ik hem ken is net als een vos die zijn streken maar niet verliest. Hij heeft al vele vormen aangenomen, geraffineerd als hij is. Onzekerheid over uiterlijk, over intelligentie, over werk, over karakter, en deze keer dan over yoga. Zet een stel yoga beoefenaars bij elkaar die hun plek in de groep zoeken en het idee dat yoga iets van binnen is verdwijnt als sneeuw voor de zon en de focus ligt volledig op de uiterlijke asana’s. We zouden toch beter moeten weten. Maar nu veroordeel ik dus weer.

Drie minuten in zo’n gesprek met andere yogabeoefenaars en ik overwoog om mijn yogamat maar in de wilgen te hangen of in ieder geval maar geen les meer te geven, want iedereen kon alles beter. Een kinderachtige reactie, maar ook dat is weer een oordeel. Was mijn afzijdig houden van zo’n gesprekken beter dan het hoogste woord voeren? Nee, want ik liet me er wel door beïnvloeden. Ik ging aan mezelf twijfelen. Alsof de onzekerheid als een vonkje kon overspringen van de een op de ander. Jezelf onderschatten is net zo zinloos als overschatten.

Elke dag weer wil ik blijven oefenen in wijsheid en compassie. Naar anderen en mezelf. In eerlijkheid, oprechtheid, duidelijkheid en ook zachtheid. Met liefde die niet verdiend hoeft te worden. Ik ben er nog lang niet, maar hoop op de weg erheen velen tegen te komen met dezelfde wens of die het al bereikt hebben.

Lees ook: Het dagelijks leven in Mysore

Shopping in India

Ken je dat gevoel? Dat je de hele dag hebt rond gerend en aan het eind van de dag lijkt het alsof je niets hebt bereikt? Neem dit gevoel, vermenigvuldig het met drie, voeg wat extra luchtvervuiling, wachttijd en vertaalproblemen toe en je hebt het standaard recept voor shopping in India.

Het beste is om goed gewapend ten strijde te trekken. Dit kan niet zonder plan de campagne.
De volgende vragen zijn essentieel: Wil ik het echt hebben? Hoeveel wil ik er hebben (minimaal/maximaal)? Hoeveel wil ik er hier voor betalen? Wat is de prijs in euro’s en dollars? Hoeveel past er in mijn bagage? Welke kleur? Oftewel, laat niets aan twijfel over.

Slecht voorbereid zal het je net overkomen dat de winkel die je binnenstapt een eigenaar heeft die geen Engels spreekt, een 12 jarig broertje/neefje/buurjongen heeft die laat vertalen, meteen wil weten hoeveel je wilt en ondertussen met vijf andere mannen in een van de vele onbegrijpelijke Indiase talen tussendoor lopen te onderhandelen over hun aankopen. Totale chaos en je weet meteen nauwelijks meer waar je voor kwam. Na een half uur sta je buiten en heb je eigenlijk geen idee wat er is gebeurd, behalve dan dat je van alles hebt gekocht. Thuis moet je zelf nog een keer kijken wat ook alweer.

Voor een andere ervaring zijn er winkels met vaste prijzen. Dat scheelt een hoop, denk je. Een zo’n winkel is Rashinkar. Zij maken kleding en alle mogelijke yogabenodigdheden zoals bolsters en dergelijke.

Rashinkar gaat om 10:30 open, staat op het grote, heel erg dichte rolluik te lezen om 10:40. Als de eigenaar om 11:30 aankomt, wordt er eerst gebeden bij de ingang en veelvuldig de drempel aangeraakt. Daarna wordt er gebeden bij de kassa, wordt er wierook aangestoken en worden alle beeldjes en afbeeldingen begroet. Na dit ritueel beginnen de zaken, met alle klanten tegelijkertijd. Dat is, als de eigenaar zich niet halverwege je verhaal even omkeert om opnieuw een gebed te prevelen richting een van de vele afbeeldingen.
De eigenaar is ook de enige die beslissingen neemt. Ondertussen trekken vijf assistenten van alles en nog wat uit de kast. De kleermaker is dan weer de enige die de maten opneemt van wat je wilt. Dit doet hij voor alle klanten tegelijkertijd. Hij toont je allerlei getallen op zijn rekenmachine maar je hebt geen idee of dit nou afmetingen zijn in centimeters of inches, de hoeveelheid die gemaakt kan worden uit de lap stof die je hebt uitgekozen, of wat het je gaat kosten? Niet dat je het kan vragen, want ondertussen worden de maten van iemand anders opgenomen.

Tijdens het eindeloze staren naar de voorraad yoga rugs voor je neus, met gedebatteer tussen eigenaar en kleermaker op de achtergrond, krijg je ineens het briljante maar helaas ongepaste idee dat zo’n rug nou precies het juiste formaat heeft om als loper in de keuken te dienen. Een veel te pragmatisch idee dat je maar beter verborgen kan houden voor de vele baba’s, guru’s, ji’s, sri’s en sadhu’s afgebeeld in de winkel.

De eigenaar noteert dan de uiteindelijke bestelling eerst nauwkeurig in het klad, en daarna wordt alles nog een keer overgeschreven in het net.

Conclusie: bijna 1 uur wachten tot de winkel open gaat. 2 uur debatteren en wachten. Bij het ophalen hoef je maar een half uur te wachten om te horen te krijgen dat er problemen waren met de naaimachine. Morgen terugkomen.

Ken je iemand met een lage bloeddruk, stel dan een reis naar India voor. Ga shoppen voor op maat gemaakte kleding, hoeslakens, tapijten of ambachtelijk handwerk en gegarandeerd is de bloeddruk binnen een week helemaal op peil. Maar met mijn keuken komt het goed… als ik het allemaal mee kan krijgen!

Lees ook: De hatha yoga pradipika

Het dagelijks leven in Mysore

Tijdens de voorbereidingen voor de reis naar Mysore vroeg ik me af wat ik daar nou in hemelsnaam ging doen de hele dag. Yoga in de ochtend, op zijn laatst klaar om acht uur, en dan?

Ruwweg komt het er op neer dat na de yogabeoefening iedereen naar huis gaat om de met zweet doordrenkte kleren uit te wringen, uit te wassen en te douchen. Dan grijpt iedereen naar Facebook en stuurt berichtjes heen en weer. Waar gaan we vandaag ontbijten? Pannenkoeken bij Ksushi? Of toch liever bij Santosha vandaag?
Ik heb nog nooit in mijn leven zoveel pannenkoeken gegeten als hier, maar wel met fruitsalade erbij.

Als iedereen onderuit gezakt op zijn ontbijt zit te wachten, wordt er eens nagedacht over de rest van de dag. Massage? Zwembad? Sightseeing? Shopping?
Natuurlijk wordt het persoonlijk leed gedeeld. Iedereen lijkt om de beurt last te hebben van honden en luide muziek in de nacht. Je zou bijna denken dat ze het onderling afspreken. Onder welk raam gaan we deze nacht kabaal maken?

De avonden zijn eigenlijk vrij suf. De meeste restaurants gaan pas om 7 uur open terwijl de yogastudenten tussen 5 en 6 willen eten, om half 8 huiswaarts keren, lezen en om 9 uur het licht uit doen. Zodra je op je kamer terugkomt is het internet inmiddels uitgevallen, dus weinig kans om de tijd uit het oog verliezen met zinloos browsen.

Om de zoveel tijd heeft bijna iedereen wel zo’n aanval waarin hij bedenkt dat hij op zijn kamer nog wat meer yoga gaat doen, want zo’n 1,5 uur per dag is toch niet zo veel en je wilt toch veel leren in deze tijd hier. Zo’n aanval duurt meestal een minuut of 10 en wordt steevast gevolgd door een FB berichtje; Smoothies bij Depth ’n Green zo meteen?

Een paar dagen in de week heb ik Sanskriet les in de namiddag. Het tijdstip verandert nog wel eens, maar momenteel is het 15:20 uur. Dat is toch wel heel lastig, want nu kan ik niet zo heel lang bij het zwembad liggen. Het zwembad is geopend voor de hotelgasten, en voor yogastudenten. Massages zijn wel lekker (en goedkoop, 2 uur voor 25 euro) maar yoga is eigenlijk al een massage, toch? Naar een ayurvedisch arts kun je maar beter niet gaan. Dan krijg je meteen een dieetlijst mee. Ik gok zomaar dat mijn dieet van pannenkoeken niet volgens de lijst is. Beter naar het zwembad, dat is de beste therapie.

Ik heb nog even wat danslessen gevolgd, maar het afspreken daarvan was wel zo’n toestand van Indiase communicatie (een blog over communicatie volgt nog) dat ik dat maar heb laten varen. Het leven werd meteen weer een stuk gemakkelijker. Misschien ga ik een Thaise massage cursus volgen, dan wordt het wel heel druk ineens, 6 uur per dag les. Voor het geval ik dat inderdaad ga doen, ga ik snel nog maar een keer naar het zwembad!

Lees ook: Shopping in India

Guruji – leraar en leerling

Een lange blog vandaag, met meer achtergrondinformatie over (de geschiedenis van) ashtanga yoga. Er valt nog zoveel meer te vertellen. Volgende keer…

In India werd yoga traditioneel met argusogen bekeken. Het was toch vrij raar, dat deden mensen die buiten de maatschappij stonden. Pas de afgelopen 50 jaar is yoga ook in India populair geworden. Vaak voor de gezondheid, maar ook steeds meer als een levenswijze waarin de leraar aan de leerling wijsheid en inzichten doorgeeft en de traditie wordt doorgegeven.

Guruji’s volledige naam is Sri. K. Pattabhi Jois – hij gaf ashtanga yogales aan locals en westerlingen tot aan zijn dood in 2009. Zijn dochter Saraswathi en kleinzoon Sharath zetten de traditie voort.

Guruji wordt overal omschreven als een heel energieke man die urenlang per dag yogales gaf met volledige passie en toewijding. Menig leerling was ook een beetje bang voor hem. ‘Oh help, hij komt naar me toe. Ik ga de houding 200% goed doen’.

Guruji behoorde tot een Brahmin familie. Ongeacht het feit dat officieel het kastensysteem is afgeschaft, is het nog steeds heel belangrijk. Zijn familie volgde ook een vaste lijn. Zij waren toegewijd aan Sri Shankaracharya, een heilige uit de achtste eeuw die de advaita vedanta filosofie heeft doorgegeven. Voor wie nog nooit eerder van advaita vedanta heeft gehoord: dit is een hele interessante filosofie die veel overeenkomsten heeft met het boeddhisme. Zij stelt dat er geen scheiding is tussen de kijker en dat wat bekeken wordt. Ook benadrukt deze filosofie dat men niet moet vasthouden aan dat wat tijdelijk is, en dat is bijna alles!

Yoga heeft Guruji geleerd van Krishnamacharya, een invloedrijke yogaleraar.. Hij had Krishnamacharya zien oefenen en hij was zo onder de indruk dat hij in de leer is gegaan bij hem. Guruji had dus eigenlijk twee (spirituele) inspiratiebronnen: yoga van zijn leraar, en de filosofie van zijn familie.

De yoga die hij leerde van Krishnamacharya betrof niet alleen de houdingen. De term ‘ashtanga yoga’ betekent: 8 limbs of yoga en wordt uitgebreid omschreven in de yoga sutra’s van Patanjali.
Stap 1 en 2 zijn de yamas en niyamas: richtlijnen over hoe je je het beste kunt gedragen, een soort morele code waarvan een groot deel gezond verstand is (bijvoorbeeld niet stelen).
Stap 3 is de asanas (houdingen), stap 4 is pranayama (ademhaling).
Stap 5 is pratyahara, dat betekent dat je de zintuigen meer naar binnen gaat richten in plaats van altijd heel nieuwsgierig naar buiten gericht te zijn, op zoek naar nieuwe impulsen. Stap 6 is je leren concentreren, oftewel dharana (in meditatiehouding) en na verloop van tijd vloeit stap 6 als vanzelf over in stap 7; meditatie, dhyana.
Stap 8 is dan de laatste fase: samadhi, de staat waarin men realiseert dat het ego een illusie is en dat alles één is. Deze stap gaat voorbij het intellectuele begrijpen. We begrijpen allemaal verstandelijk wel dat een nieuwe trui geen blijvend geluk brengt, maar toch blijven we er op hopen.

De yogahoudingen zijn dus nummer 3 in deze groep van 8. De meeste mensen beginnen met stap 3. Door de fysieke oefening wordt het lichaam gezuiverd en klaar gemaakt om langer in meditatie te kunnen zitten, en beter te kunnen concentreren. Het lichaam buigt gemakkelijker dan de geest. En als je al die uitdagende houdingen overleeft, dan sta je pas echt sterk, in welke storm in het leven dan ook. Na verloop van tijd word je als vanzelf nieuwsgierig naar de overige 7 limbs.

In het boek ‘Guruji’ dat ik nu lees, staan allemaal interviews met de eerste westerse leerlingen van Guruji. Hij sprak nauwelijks Engels, dus lange filosofische gesprekken zaten er niet in. Eigenlijk zeggen alle geïnterviewden dat dit ook de kracht van zijn lessen was.
Wat overgebracht moest worden, deed hij door adjustments (aanpassingen) te maken bij de leerlingen. Hierin was hij allesbehalve zachtzinnig. Het is echt leuk (en gruwelijk) om te lezen hoe de leerlingen de eerste maanden van beoefening naar huis kropen van de pijnen overal. Vertrouwen in de leraar is dan belangrijk; je laat niet iedereen zo heftig aan je lichaam zitten!

Guruji keek volgens zijn leerlingen vooral naar het energetische lichaam, en maakte aanpassingen daarin. Of de knie daar nou per se tegen bestand was, dat leek hij soms te vergeten of minder belangrijk te vinden. Sommige leerlingen van Guruji gaven in de interviews aan dat ze van de blessures veel geleerd hebben en deze ook onderdeel waren van hun leerproces. De overgave aan zijn inzicht als leraar telde meer dan het even uit de running zijn.

Het blijft mij boeien, thema’s als overgave versus eigen regie, doorzetten versus rusten, verstand versus gevoel. En soms kan ‘versus’ vervangen worden door ‘en’.
Laten we daar vooral in levenden lijve over discussiëren! En daarnaast ook vooral heel veel oefenen en ervaren!